Als er in Den Haag een nieuw gebouw komt, of een tunnel wordt gegraven, gaan eerst de archeologen op pad om te zien of er nog oude voorwerpen en scherven in de bodem liggen. Die worden opgegraven, schoongemaakt en uitgebreid onderzocht. Maar wat dan? De meest interessante vondsten worden tentoongesteld zodat iedereen ze kan zien. Elk voorwerp heeft namelijk een verhaal. Dat kan gaan over de plek waar het is gevonden, de mensen die het maakten en gebruikten, die het weggooiden of juist heel lang bewaarden én repareerden. In de les wordt aan de leerlingen uitgelegd hoe opgraven gaat. Vervolgens gaan zij het zelf doen, en daarbij vinden ze echte oude Haagse voorwerpen. Ze kiezen welk verhaal van het voorwerp ze zelf de moeite waard vinden om verder te vertellen. Ze maken dan een mini-tentoonstelling, inclusief tekstbordjes, illustraties en versieringen. Aan het eind van de les staat er een heuse groepsexpositie en krijgen alle leerlingen een aandenken mee.

Doelstellingen van de les

De groep leert hoe archeologen van de gemeente Den Haag werken. Door zelf op te graven, ervaren ze hoe bijzonder het is om de geschiedenis in je handen te houden. We werken bewust met echte oude Haagse voorwerpen, uit alle tijdvakken. Voor het maken van hun mini-expositie bestuderen de leerlingen een object, kiezen welk aspect daarvan ze graag willen ‘doorvertellen’ en waarom. Het leergebied Kunstzinnige oriëntatie wordt gecombineerd met Oriëntatie op jezelf en de wereld.

Aantal leerlingen en begeleiding

Maximaal 30 leerlingen
2 begeleiders

Archeologie

Archeologen doen meer dan graven

Maak een tentoonstelling met archeologische vondsten

Vakken en kerndoelen van de les

Nederlands: 1, 2
Oriëntatie op jezelf en de wereld: 51 t/m 53
Kunstzinnige oriëntatie: 56.